21 april ’26 – Tijdens de eerste roundtable op het seminar ‘Vooruitzien in Solidariteit’ onder leiding van John Rijsdijk stond één vraag centraal: hoe bereiken we bewoners van kwetsbare wijken met verzekeringsoplossingen die voor hen relevant én toegankelijk zijn? Aan tafel zaten Harold Herbert (Verbond van Verzekeraars – brancheorganisatie), Laurentien van Oranje (number 5 foundation), Vanessa Umboh (Stem Zonder Gezicht) en Ruud van den Tillaar (NVVK financiële hulpverleners – NVVK). Hun gesprek maakte duidelijk: de opgave is niet alleen praktisch, maar raakt vertrouwen, mensbeeld en de inrichting van het systeem zelf.
Een confronterend vertrekpunt
De realiteit in een stad als Den Haag is scherp. Uit onderzoek van het Verbond van Verzekeraars blijkt dat grote groepen inwoners onverzekerd zijn. In sommige wijken heeft 80% geen inboedelverzekering en ook aansprakelijkheidsverzekeringen blijven achter. Opvallender nog: een ruime meerderheid weet niet goed hoe verzekeringen werken. Bron: Veel Haagse huishoudens zijn onverzekerd en lopen dagelijks risico
Volgens Vanessa Umboh ligt dat niet alleen aan onwil, maar vooral aan onwetendheid en ontoegankelijkheid. “Mensen weten de weg niet”, vat zij het kernachtig samen.
Leven in het hier en nu
Voor Ruud van den Tillaar is dat herkenbaar vanuit de schuldhulpverlening. Wie geen perspectief ervaart, richt zich op de korte termijn. Verzekeringen, producten die juist draaien om toekomstige risico’s, voelen dan als een “ver-van-mijn-bed-show” mensen denken na over hoe ze avondeten op tafel kunnen krijgen, vanuit een eerste levensbehoefte.”
“Daar komt bij dat wantrouwen richting instituties groot is, benadrukt Umboh. Zeker onder mensen die geraakt zijn door het Toeslagenschandaal. Jaren na dato is herstel nog altijd niet vanzelfsprekend, wat het vertrouwen verder ondermijnt.”
Bereik begint met erkenning
Volgens Laurentien van Oranje zit een belangrijk deel van het probleem in hoe we naar deze groepen kijken. Laaggeletterdheid is niet alleen een vaardigheidsprobleem, maar ook een gevoel: ik doe er niet toe.
“We zeggen dat mensen onbereikbaar zijn,” stelt zij, “maar eigenlijk zeggen we: wij weten ze niet te bereiken.” Die omkering vraagt om een fundamenteel andere benadering: niet zenden, maar luisteren. Niet systemen centraal stellen, maar mensen.
Een concreet voorbeeld komt van Herbert: in plaats van presentaties en modellen ging het Verbond van Verzekeraars simpelweg het buurthuis in. Zonder PowerPoint, mét gesprek. En: mensen kwamen.
Vertrouwen als voorwaarde
Die beweging, naar de wijk, naar direct contact, blijkt essentieel. Umboh benadrukt dat vertrouwen niet ontstaat door iets te vragen, maar door eerst iets te brengen. Mensen en initiatieven met passie in de wijk kunnen daarin een sleutelrol spelen.
Ook Ruud van den Tillaar onderstreept het belang van nabijheid: “Aanwezig zijn, niet oordelen, perspectief bieden. Pas dan ontstaat de vraag: doe je mee? Vrijwilligers kunnen daarin veel betekenen, mits er een professioneel systeem achter staat.”
Van pleisters plakken naar systeemverandering
Toch gaat het gesprek verder dan alleen bereik. De deelnemers zijn kritisch op de neiging tot symptoombestrijding. Volgens Van Oranje zijn we goed geworden in “pleisters plakken”, maar blijven onderliggende structuren vaak ongemoeid.
Ze wijst op mogelijke perverse prikkels in bestaande businessmodellen en pleit voor een systeem dat gericht is op leren en lange termijn waarde. Dat vraagt om wat zij noemt “schurende gesprekken” – gesprekken die niet meteen naar oplossingen springen, maar eerst het probleem echt doorgronden.
Concrete richtingen: koppelen, bundelen, opschalen
Tegelijkertijd worden er wel degelijk oplossingsrichtingen verkend. Zo wordt gedacht aan het koppelen van verzekeringen aan huurcontracten via woningcorporaties, een idee dat volgens Van den Tillaar direct impact kan hebben. Ook wordt gesproken over microverzekeringen en collectieve constructies.
Een voorstel uit het publiek om via een opslag op premies bij te dragen aan een armoedevrije samenleving laat zien dat de bereidheid tot solidariteit aanwezig is, al vraagt verdere uitwerking nog om draagvlak binnen de sector.
Belangrijker nog is de oproep om bestaande initiatieven beter te verbinden. Volgens Laurentien van Oranje is er geen gebrek aan projecten, maar wel aan samenhang. Versnippering belemmert opschaling.
De wijk als vertrekpunt
Als concreet voorbeeld noemt Umboh de wijk Feijenoord in Rotterdam, waar tal van initiatieven al actief zijn. De kracht zit daar in de gemeenschap zelf – in burgerinitiatieven, netwerken en lokale betrokkenheid.
De uitdaging is om die energie te benutten en te versterken, bijvoorbeeld via één loket of door kennisdeling te faciliteren. Niet opnieuw iets optuigen, maar aansluiten bij wat er al is.
Van praten naar doen
De roundtable eindigt niet met één oplossing, maar met een duidelijke richting. Laurentien van Oranje stelt voor om het gesprek om te zetten in een proces, met meerdere actielijnen:
- het versterken van bereik in wijken via bestaande netwerken en stichtingen
- het verkennen van nieuwe premie- en verzekeringsmodellen met onder andere woningcorporaties
- het ontwikkelen van innovatietrajecten waarin verschillende perspectieven samenkomen
Herbert benadrukt daarbij dat wachten op wetgeving geen optie is. Initiatief en opschaling vanuit de sector zelf zijn noodzakelijk.
Een gedeelde verantwoordelijkheid
Wat blijft hangen, is dat sociaal duurzaam verzekeren geen exclusieve taak is van verzekeraars. Wonen, werken en verzekeren raken aan publieke verantwoordelijkheid. Het vraagt samenwerking tussen sectoren, én een eerlijke verdeling van rendement en risico.
Of, zoals de dagvoorzitter het samenvat: het is mogelijk, mits partijen hun rol pakken en de verbinding zoeken.
De vraag is daarmee niet óf er iets moet gebeuren, maar hoe snel we bereid zijn om van inzicht naar actie te gaan.