Groepsaansprakelijkheid bij rellen


10 februari 2021 - Recent is helaas weer gebleken dat in groepsverband (aanzienlijke) schade kan worden aangericht. Door diverse partijen is terecht gesteld dat het moeilijk zal zijn de schade op de individuele veroorzakers te verhalen. Veel van de veroorzakers waren immers moeilijk herkenbaar door het gebruik van mondkapjes en hoodies. Onder meer diverse ondernemers maar ook particulieren zijn door het geweld zwaar benadeeld, winkels werden geplunderd en auto’s in brand gestoken. Wat zijn uw mogelijkheden om de schade te verhalen op de veroorzakende partijen? In dit artikel zullen wij daar nader bij stil staan.

Groepsaansprakelijkheid bij rellen

De civielrechtelijke groepsaansprakelijkheid is opgenomen in artikel 6:166 Burgerlijk Wetboek (BW). In artikel 6:166 lid 1 BW is het volgende bepaald: ‘ Indien één van tot een groep behorende personen onrechtmatig schade toebrengt en de kans op het aldus toebrengen van schade deze personen had behoren te weerhouden van hun gedragingen in groepsverband, zijn zij hoofdelijk aansprakelijk indien deze gedragingen hun kan worden toegerekend.

Dit artikel voorziet in de individuele aansprakelijkheid van de tot een groep behorende personen. De benadeelde die door een gedraging in groepsverband schade heeft geleden, kan ter verkrijging van een volledige schadevergoeding volstaan met het aanspreken van één van de tot een groep behorende personen. Hierbij gelden een drietal vereisten [1]:

  1. Degene die de schade rechtstreeks toebracht moet een onrechtmatige daad hebben begaan.
  2. De kans op het toebrengen van schade moet zodanig zijn geweest, dat zij de tot de groep behorende personen hadden behoren te weerhouden van hun gedragingen in groepsverband. Dit betekent dat de persoon wist of behoorde te begrijpen dat het groepsoptreden het gevaar schiep voor schade die daadwerkelijk is toegebracht.
  3. Een tot de groep behorende persoon is alleen aansprakelijk indien hem een schuld treft.

Voor een geslaagd beroep op artikel 6:166 BW hoeft niet te worden bewezen welke lid van de groep verantwoordelijk is voor de gevolgen en of dat lid opzet had op die gevolgen. Met andere woorden, de causaliteit hoeft niet te worden aangetoond. Alle leden van de groep zijn voor de volledige schade aansprakelijk. De schuld en dus verwijtbaarheid zit in het zich niet onttrekken van de groep, nadat het voor ieder lid duidelijk was dat het risico op het toebrengen van schade te groot was.

Indien echter sprake is van bepaalde gedragingen van een of meerdere groepsleden die zo sterk afwijken van het groepsgebeuren, dan is er geen sprake meer van groepsaansprakelijkheid. Ook als een persoon zich fysiek van een groep distantieert, dan kan deze persoon mogelijk niet meer hoofdelijk worden aangesproken.

Het aangesproken groepslid heeft na het schadeloos stellen van de benadeelde een vordering op zijn overige groepsleden. Ieder groepslid zal voor een gelijk deel van de schade moeten bijdragen. 

Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren (AVP)

Indien de benadeelde niet bekend is met een of meerdere groepsleden dan wel de groepsleden geen verhaal bieden, dan zal artikel 6:166 BW helaas weinig soelaas bieden. Ook zal een beroep van de benadeelde op zijn aansprakelijkheidsverzekering (AVP) van de groepslid weinig succesvol zijn.

Een AVP beschermt een verzekerde voor de gevolgen van zijn aansprakelijkheid voor schade bij derden. Vanzelfsprekend kent een dergelijke verzekering ook polisvoorwaarden met uitsluitingen. Eén van de uitsluitingen betreft opzettelijk toegebrachte schade. Een verzekerde (i.c. het groepslid) dat deelneemt aan rellen en een steen door de ruit van een pand gooit, heeft de schade opzettelijk veroorzaakt. De AVP van het groepslid zal dan ook niet tot uitkering overgaan. Het deelnemen aan een groep met verkeerde intenties kan aldus verstrekkende financiële gevolgen hebben. 

Verzekerd voor eigen schade

Gelukkig zijn veel mensen verzekerd tegen schade zoals ruitschade. De benadeelde heeft een verzekeringsovereenkomst met de verzekeraar en zal op grond van de verzekeringsovereenkomst een schadeclaim kunnen indienen. De verzekeraar zal, indien aan de polisvoorwaarden wordt voldaan, tot een uitkering overgaan.

De verzekeraar kan de uitgekeerde schade echter niet eenvoudig verhalen op één van de deelnemers van de schadeveroorzakende groep. Ook de overheid kan niet in alle gevallen de uitgekeerde schade verhalen op alle partijen. Dat heeft onder meer te maken met de tijdelijke regeling verhaalsrechten ex artikel 6:197 BW.

Tijdelijke regeling verhaalsrechten

De tijdelijke regeling verhaalsrechten beperkt de mogelijkheden van verzekeraars en de overheid om gebruik te maken van bepaalde regelingen uit de wet om schade eenvoudiger te verhalen op de schadeveroorzakende partij. Bij invoering van de regeling heeft de wetgever benadrukt dat de regeling ‘tijdelijk’ was en zou verdwijnen wanneer de discussie omtrent de verhaalsrechten was afgerond. De regeling is ingevoerd op 1 januari 1992 en bestaat heden ten dage nog steeds, zodat strikt genomen niet meer van een tijdelijke regeling kan worden gesproken. 

In artikel 6:197 lid 2 BW is bepaald dat de betalende verzekeraar de vordering van de benadeelde overneemt. De betalende verzekeraar kan echter op grond van artikel 6:197 BW niet van alle mogelijkheden om een partij aan te spreken en zo schade te verhalen gebruik maken. Er is sprake van een aantal uitzonderingen zoals artikel 6:166 BW. Dit betekent dat een verhaalsactie door een verzekeraar op basis van groepsaansprakelijkheid theoretisch en praktisch onmogelijk wordt gemaakt. De verzekeraar kan de uitgekeerde schade wel verhalen o.b.v. bijvoorbeeld artikel 6:162 BW, de onrechtmatige daad. De verzekeraar zal dan echter de onrechtmatige gedraging van de betreffende partij aan moeten tonen. Het enkele deelnemen aan de groep zal daarvoor niet altijd afdoende zijn. De tijdelijke regeling verhaalsrechten lijkt tegenwoordig met name tot doel te hebben de rechten van het slachtoffer zelf in stand te houden doch de verhaalsrechten van andere partijen niet te verruimen. 

Samengevat

In Nederland zijn er voor benadeelden diverse juridische mogelijkheden om de geleden schade te verhalen. Echter, de praktijk laat zien dat de benadeelde tegen diverse hobbels kan aanlopen zoals onbekendheid met de identiteit en adresgegevens van de groepsleden. Het is dan ook ten zeerste aan te bevelen uw bezittingen zelf te verzekeren. Zoals u in het artikel over groot en klein molest kunt lezen worden de rellen zoals recent rond de invoering van de avondklok gezien als klein molest. Indien wordt voldaan aan de overige voorwaarden van uw verzekering krijgt u uw schade in ieder geval middels een eigen verzekering vergoed.

Bent u onverhoopt toch niet verzekerd tegen de gevolgschade van de recente rellen rond de invoering van de avondklok? Mogelijk kunt een beroep doen op het Schadefonds. Voor aanvullende informatie over het schadefonds kunt u terecht op www.schadefonds.nl, voor vragen over uw verzekeringsmogelijkheden kunt u contact opnemen met uw assurantieadviseur.

 

[1] Parl. Gesch. Boek 6 BW, p. 663-664 en HR, 2 oktober 2015, ECLI:NL:HR:2015:2914

Auteurs

Sharon Burger (links) & Emel van der Niet - Sunbul, beide Jurist beroepsaansprakelijkheid

 Auteur Sharon Burger  Auteur Emel Sunbul